Wat betekent de aanscherping van de coronamaatregelen voor de dienstverlening van Woonpunt? U leest het hier.

Mooie herinneringen aan Rood Dorp


Annemie Geurts

Drie jaar was Jeanny Dehue toen ze met haar ouders en broers een huis van Beter Wonen in het Maastrichtse Rood Dorp kreeg toegewezen. Dat was in 1938. Ze bleef er wonen, stichtte er een gezin en verhuisde pas toen de woning gesloopt werd.

Slaapkamer in tweeën met een gordijntje

Dochter Annemie vertelt: “De woning had maar twee slaapkamers. Mijn moeder sliep samen met haar broers op één kamer. Ze had er zes, maar enkelen waren toen het huis al uit. Toen ze groter werd, werd de slaapkamer in tweeën gedeeld met een gordijntje. Ze had een gelukkige jeugd in de wijk, waar ook haar toekomstige man – mijn vader – woonde.”


WP-100-Mw-Annemie-Geurts-103.jpg

Spelen bij de Botermijn

'In de oorlog trouwden ze en trokken ze bij mijn oma in. Zij verhuisde naar de voorkamer, maar overleed al snel. Kort daarna werd mijn zus geboren, ik volgde enkele jaren later. Wij groeiden op in een heerlijke buurt, met veel groen. Vanuit de achtertuin keken we uit op het kantoor van Beter Wonen. Samen met mijn vriendinnen speelde ik altijd bij de Botermijn om de hoek.'

Langstzittende huurders

'Mijn ouders werden de langstzittende huurders in dezelfde woning in Rood Dorp. Begin jaren ’80 hoorden ze dat hun woning plaats moest maken voor nieuwbouw. Mijn moeder had het daar moeilijk mee, mijn vader ging er positiever mee om. Hij werd zelfs lid van het wijkcomité dat betrokken was bij de nieuwbouwplannen. Uiteindelijk kregen ze een nieuwe flat met een tuintje in dezelfde wijk. Daar waren ze gelukkig tot mijn vader ziek werd. Toen ook mijn moeder hulpbehoevend werd, verhuisden ze naar een verzorgingstehuis. Inmiddels zijn ze allebei overleden. Soms loop ik nog wel eens door mijn oude buurt. Dan komen alle mooie herinneringen weer boven.'