Raad van commissarissen

 

Een gesprek met commissarissen Henny Egberink en Tom Schulpen.

 

Het was een bewogen jaar voor Woonpunt: een nieuwe strategische koers, een plan om de organisatie toekomstbestendig te maken en een koude douche in de vorm van een aantal integriteitsschendingen. In gesprek met twee leden van de raad van commissarissen: Tom Schulpen en voorzitter Henny Egberink.

'Nu nog een kwestie van doen wat we beloven.'

Woonpunt kreeg de afgelopen maanden met een aantal integriteitskwesties te maken. Wat was jullie eerste reactie daarop?
Henny Egberink: ‘Ik vond het onvoorstelbaar dat dit kon gebeuren, met alle discussies in de samenleving over wat wel en niet kan. Hoe kun je nou werken bij een organisatie met een maatschappelijke doelstelling, die er moet zijn voor huurders, en dan zulke dingen doen? Eveneens onvoorstelbaar vind ik dat de organisatie dit niet tijdig heeft ontdekt. Dat zegt iets over de cultuur. Op papier is alles netjes geregeld, met een klokkenluidersregeling en een vertrouwenspersoon, maar in de praktijk durven we elkaar blijkbaar niet aan te spreken.’

Tom Schulpen: ‘Dit overkomt ons op een ongelukkig moment, net wanneer we met z’n allen het gevoel hebben dat we de weg omhoog weer hebben gevonden. Als we er dan toch iets positiefs uit willen halen, dan is het dat het zuiverend werkt. We zijn er allemaal erg van geschrokken en we hebben het er wel weer over. Dit vergroot het zelfreinigend vermogen.’

 

Heeft de raad ook naar zichzelf gekeken? Hebben jullie signalen gemist? Hadden jullie het toezicht anders moeten inrichten?
Henny Egberink: ‘Daar hebben we het wel over gehad natuurlijk. Hadden wij iets moeten ontdekken? Misschien wel, maar dan ben je al bijna operationeel bezig. Wij hebben als raad van commissarissen lang aangedrongen op een onderzoek naar soft controls [de ‘zachte’ aspecten, zoals de bedrijfscultuur, die bepalen of een organisatie ‘in control’ is]. Dat is in 2017 uitgevoerd, nog voor dit aan het licht kwam. De uitkomsten daarvan onderschrijven wat we nu weten: dat er binnen Woonpunt een ongedwongen, gemoedelijke cultuur bestaat waarin mensen elkaar onvoldoende aanspreken. Maar deze integriteitskwesties had ik niet verwacht.’

Tom Schulpen: ‘Dat onderzoek naar soft controls was een logisch vervolg op het onderzoek naar de ‘hard controls’. Het was dus niet ingegeven door concrete signalen over fraudekwesties, maar wel door de wetenschap dat het onvoldoende is om zaken op papier goed geregeld te hebben.’

'We hebben de huurder als het ware herontdekt en centraal gezet in deze nieuwe strategie.'

 

In 2017 stippelde Woonpunt een nieuwe koers uit voor de komende jaren. Samen met stakeholders. Wat vonden jullie van dat proces?
Henny Egberink: ‘Ik was blij met de manier waarop we het hebben aangepakt. Je kunt geen maatschappelijke organisatie zijn zonder het gesprek aan te gaan met belanghebbenden, zonder draagvlak te verkrijgen voor je eigen bijdrage in de opgave buiten.’

Tom Schulpen: ‘Het beste bewijs dat ons dat is gelukt, is het feit dat onze huurdersverenigingen onze keuzes volledig steunen. Het zijn immers ook hún keuzes. Zij pleitten er bij ons voor om te blijven investeren in leefbaarheid en om onze dienstverlening te verbeteren. Dat hebben we overgenomen. Daarnaast hebben we de huurder als het ware herontdekt en centraal gezet in deze nieuwe strategie. Toen ik zeven jaar geleden als commissaris aantrad bij Woonpunt, lag de focus heel erg op de herontwikkeling van achterstandswijken. Over de individuele huurder en hoe die geraakt wordt door ons werk, hadden we het veel minder.’

 

U zei het net al: Woonpunt blijft stevig investeren in de leefbaarheid. In 2017 hebben we onszelf vergeleken met vijf corporaties die het veel beter doen als het gaat om bedrijfslasten. Daaruit bleek onder andere dat die corporaties minder personeel hebben om leefbaarheidsproblemen aan te pakken. Hoe zijn onze ambities op die twee punten met elkaar te verenigen?
Henny Egberink: ‘Alles wat we uitgeven komt rechtstreeks uit de zak van de huurder. Dat was zo, dat is zo en dat blijft zo. Dat mogen we nooit uit het oog verliezen. Het is dus ook niet zo dat Woonpunt nu ineens royaal met de geldbuidel gaat rammelen. Dat gezegd hebbende: investeren in leefbaarheid is een keuze die we samen met de huurdersverenigingen hebben gemaakt. Bovendien is het een keuze die samenhangt met een duurzaam business model: wijken of complexen die verloederen zijn niet goed voor je verhuurbaarheid.’

Tom Schulpen: ‘Er zit veel ambitie in het strategisch plan, maar ook realisme. Alle keuzes zijn langs onze financiële polsstok gelegd. Neem duurzaamheid: natuurlijk zouden we het liefst in 2021 gemiddeld energielabel B hebben bij ons woningbezit, maar dat is niet realistisch. Door te kiezen voor een versnelling en daar geld voor vrij te maken, kunnen we dat wel vervroegen van 2028 naar 2024.’

Henny Egberink: ‘En leefbaarheid is niet de enige factor die je bedrijfslasten bepaalt, natuurlijk. We gaan in 2018 terug naar één kantoorgebouw waarmee we ook al veel geld besparen. In 2017 zijn nieuwe bedrijfsauto’s geleased, die fors goedkoper waren. En er valt winst te behalen uit de vereenvoudiging van de werkprocessen.’

 

'De juiste elementen komen aan bod; resultaatgerichter werken, betere samenwerking, een aanspreekcultuur creëren.’'

 

In 2017 heeft het bestuur een transitieplan aan de raad van commissarissen voorgelegd, waarin werd voorgesteld om Woonpunt op een aantal punten flink te ontwikkelen. Wat vonden jullie daarvan?
Tom Schulpen: ‘Kijk, we hebben twee jaar geleden vanuit de interventie van de Aw een verbeterplan opgesteld om de financiële sturing en financiële positie te verbeteren. De sommen op orde krijgen, om het simpel te zeggen. Dit transitieplan gaat veel verder. Nu zijn we compleet: we hebben onszelf de vraag gesteld wat ons drijft, welke keuzes we moeten maken met onze huurders, en met dit transitieplan werken we aan de organisatie die dat kan waarmaken. Het bestuur heeft dat echt heel goed in de steigers gezet.’

Henny Egberink: ‘In dit transitieplan komen de juiste elementen aan bod die ook in dat eerdergenoemde soft control-onderzoek naar voren kwamen: resultaatgerichter werken, betere samenwerking, een aanspreekcultuur creëren. Dat zien we dadelijk ook terug in het nieuwe management; dat moet gericht zijn op samenwerking. Niet meer van: mijn stukje ziet er goed uit, dus bemoei ik me nergens meer mee. De zwakste schakelt bepaalt immers de sterkte van de ketting.’

 

'Met het transitieplan is een mooi begin gemaakt om de kracht van medewerkers daadwerkelijk te verzilveren.'

 

Meneer Egberink, vorig jaar zei u in het jaarverslag dat bij Woonpunt de kritische blik naar binnen beter kan. Hoe is dat nu?
Henny Egberink: ‘Ja, dat heb ik toen inderdaad gezegd, omdat ik het altijd zo frappant vind dat als ik met medewerkers van Woonpunt praat, ze altijd zo enthousiast en gedreven zijn. Maar ik zag daarvan nog te weinig terug in de resultaten. Met het transitieplan is een mooi begin gemaakt om de kracht van medewerkers daadwerkelijk te verzilveren.’

 

Vorig jaar zei u in dit interview nog iets, namelijk dat Woonpunt niet groot genoeg is voor een tweehoofdig bestuur. Inmiddels is een nieuwe organisatiestructuur voorgesteld en daarin zit, althans voor de komende jaren, nog steeds een tweehoofdig bestuur. Wat is in de tussentijd veranderd?
Henny Egberink: ‘Die keuze hebben we zorgvuldig gemaakt. Met de nieuwe strategie en het transitieplan hebben we veel ambitie uitgesproken, voor ons werk buiten, samen met stakeholders, maar ook binnen. Dat moeten we wel nog allemaal waarmaken. Er komt nieuw management, dat voor een deel uit nieuw talent bestaat, maar we hebben de komende jaren echt voldoende gewicht nodig aan de top. Als we een paar jaar verder zijn, en we hebben het Woonpunt dat ons nu voor ogen staat, dan voeren we die discussie weer opnieuw.’

Tom Schulpen: ‘Vergeet ook niet dat we voldoende tegenkracht in de organisatie nodig hebben. In een organisatie in verandering, die hard vooruit gaat, heb je dat echt nodig. We hebben de afgelopen jaren flink wat topmanagement geschrapt, waaronder de regiodirecteuren. Er moet wel voldoende balans zijn.’

 

Nog een laatste uitspraak van vorig jaar: ‘Woonpunt moet over vijf jaar weer staan als een huis’. Nog vier jaar te gaan. Hebben we met de transitie en de nieuwe strategie voldoende richting om het waar te maken?
Henny Egberink: ‘Ja, het is nu nog maar een kwestie van doen wat we beloven.’

Tom Schulpen: ‘Mee eens. Er kan nu geen discussie meer zijn over wat voor organisatie we willen zijn, waar we voor staan en wat onze doelen zijn voor de komende jaren. Als we deze ambities waarmaken – onze dienstverlening verbeteren, onze financiële sturing verbeteren en onze woningen verduurzamen – dan staat Woonpunt over een paar jaar echt als een huis.’