Levensloopbestendige woningen en bijzondere doelgroepen

 

Een gesprek met Ingrid Caniels (consulent maatwerk) en Karen van de Gaar (procesregisseur) over huisvesting van mensen met een rugzakje.

 

Mensen met psychosociale problemen huisvesten. Dat gaat niet makkelijk. Woonpunt werkt hiervoor samen met verschillende zorginstanties, zoals Impuls, Leger des Heils, Trajekt, Pension Jekerzicht, Radar, Levantogroep en Xonar. Procesregisseur Karen van de Gaar van Housing in Maastricht begeleidt cliënten vanuit zorginstellingen naar een woning. Zij werkt dan ook regelmatig samen met onze consulent maatwerk Ingrid Caniels.

'Onze aanpak is succesvol'

 

Hoe werkt jullie samenwerking precies?
Karen van de Gaar: ‘Een zorginstelling meldt een cliënt aan bij Housing. Vervolgens meld ik een cliënt aan bij Thuis in Limburg. Op basis van een verdeelsleutel wordt de cliënt toegewezen aan een corporatie.’

Ingrid Caniels: ‘Vervolgens ga ik dan actief zoeken. Binnen één jaar moet ik iemand met urgentie aan woning hebben geholpen.’

 

Een jaar wachten, dat klinkt nog best lang.
Karen van de Gaar: ‘Jazeker. Mensen zijn soms ook wel teleurgesteld dat ze maximaal een jaar geduld moeten hebben. Maar eigenlijk is dat nog best rap voor Maastricht en gemiddeld is iemand binnen een maand of zeven geholpen.’

Ingrid Caniels: ‘Alleen jongeren onder de 23 jaar, die moeten vaak wat langer wachten. Dan lukt het zelfs soms niet binnen het jaar. We hebben, net als andere corporaties in Maastricht, voor deze doelgroep te weinig woningen beschikbaar onder de huurtoeslaggrens.’

 

Wat gebeurt er nadat een woning is toegewezen?
Karen van de Gaar: ‘Iemand krijgt voor maximaal twee jaar een tijdelijk huurcontract met daar aan gekoppeld een begeleidingscontract. De cliënt is verplicht om begeleiding te accepteren. Als alles goed gaat, kan iemand vervolgens zelfstandig blijven wonen.’

 

Welke uitdagingen komen bij jullie werk kijken?
Ingrid Caniels: ‘Mensen hebben soms zeer uitgesproken woonwensen. Omdat ze erg prikkelgevoelig zijn, willen ze een zodanig geïsoleerde woning dat de geluiden van buitenaf sterk worden verminderd. Aan dit soort wensen kunnen we niet altijd voldoen.’ 

'Mensen hebben soms zeer uitgesproken woonwensen, maar we kunnen niet aan alle wensen voldoen.'

 

Karen van de Gaar: ‘Als het echt van belang is voor het functioneren van de cliënt, dan proberen we hiermee wel rekening te houden. Stel dat iemand drugservaringen heeft in een bepaalde wijk, dan kan je hem daar niet plaatsen. Je wil niet dat iemand een terugval krijgt.’

Ingrid Caniels: ‘Ik probeer altijd mee te denken met de cliënt. Als we een plek vinden die klopt, dan zijn we daar als Woonpunt ook bij gebaat.’

 

Dat zelfstandig wonen gaat met ups en downs. Van die downs hebben omwonenden vaak last. Hoe gaan jullie daar mee om?
Ingrid Caniëls: ‘Signalen van omwonenden komen vaak binnen bij onze wijkbeheerders. We overleggen wat de handigste stappen zijn en verdelen de taken. De wijkbeheerder onderhoudt de contacten met de buurt. Ik concentreer me, samen met Housing en de begeleider, op de overlastveroorzaker. Dat is niet altijd succesvol. Pas geleden hadden we een huurder die veel overlast veroorzaakte. Hij gooide fietsen van de balustrade, trapte deuren in en stalkte zijn buurvrouw. Zij was doodsbang. Ik heb een aantal keer geprobeerd om afspraken met hem te maken. Telkens kwam hij die niet na. Uiteindelijk hebben we die meneer uit zijn woning moeten zetten.’

Karen van de Gaar: ‘We proberen dit soort problemen te voorkomen door regelmatig te bespreken hoe het gaat. Als we dan het gevoel hebben dat er iets mis is, grijpen we in.’

 

'Pas geleden hadden we een huurder die veel overlast veroorzaakte. We hebben die meneer uit zijn woning moeten zetten.'

 

Lopen jullie vaak tegen dit soort zaken aan?
Karen van de Gaar: ‘Het komt niet vaak voor, maar soms gaat helaas wel eens iets mis. Anderhalf jaar geleden hebben we een jonge jongen snel aan een woning geholpen. Volgens zijn begeleider was hij er aan toe. Achteraf blijkt dat dit niet zo was. De begeleiding door maatschappelijk werk was voor hem te weinig. Deze jongen was geen overlastveroorzaker. Hij was een zogenaamde struisvogel en dacht dat als hij zijn post niet opende, de betalingsproblemen er ook niet waren. Helaas werd ik hier pas laat bij betrokken. Toen hadden de rekeningen zich al hoog opgestapeld. Anders hadden we samen misschien nog kunnen voorkomen dat hij uit zijn woning werd gezet.’

 

Wat hebben jullie daarvan geleerd?
Karen van de Gaar: ‘Als we een cliënt aan een woning helpen, spreek ik hem een paar uur. Maar ik moet vooral vertrouwen op het oordeel van de begeleider. Die had in dit geval de situatie mooier gemaakt dan hij in werkelijkheid was. Ik moet dus nog beter nagaan of het klopt wat iemand zegt.’ 

Ingrid Caniels: ‘Vroeger zat ik met mijn collega’s van incasso op de afdeling en kreeg ik nog vaak iets mee van betalingsachterstanden. Nu hoor ik dat pas als ik ernaar ga vragen. Dat doe ik altijd voorafgaand aan de driemaandelijkse evaluatie. Ik realiseer me nu dat eerder wenselijk is.’

 

Er is een toename van mensen met psychosociale problemen die gewoon in wijken moeten worden gehuisvest. Hoe gaan jullie daar mee om?
Karen van de Gaar: ‘Het aantal aanmeldingen bij Housing is fors toegenomen. In 2017 hadden we in totaal 59 cliënten, het is nu maart en we zitten al op 42. We hebben in Maastricht 140 woningen die de corporaties ter beschikking moeten stellen voor deze doelgroep, dus vooralsnog verwacht ik geen langere wachtlijsten.’

Ingrid Caniels: ‘Voor mij betekent het dat ik nog meer aandacht moet hebben voor de spreiding. Daarvoor hebben we intern een overleg met verschillende disciplines. Daar stemmen we af welke woningen we voor deze doelgroep beschikbaar stellen. Aangezien we geen woningen bijbouwen, kun je niet vermijden dat het er nu in iedere buurt meer worden.’

 

In de nieuwe strategie van Woonpunt staat dat we deze doelgroep ook in duurdere wijken gaan huisvesten om de spreiding te verbeteren. Wat vinden jullie daarvan?
Ingrid Caniels: ‘Spreiding is goed. Tot nu toe werden verzoeken om huurverlaging om iemand in een duurdere wijk te kunnen plaatsen niet gehonoreerd. Ik ben blij dat hier met deze strategische keuze verandering in komt. Omwonenden moeten hier niet zo voor vrezen. De mensen die met zorgbegeleiding worden geplaatst, veroorzaken in de praktijk niet vaker overlast dan andere huurders. Daar mogen we best trots op zijn, vind ik. Kennelijk is onze aanpak succesvol.’

 

Hoe verklaar je dan dat de kranten vol staan van overlast door ‘verwarde mensen’?
Ingrid Caniels: ‘De mensen die ik plaats in een woning krijgen begeleiding. Pas als dat allemaal goed geregeld is, krijgen ze een woning. Zodra er iets misgaat, treedt de begeleider op. Mijn gevoel is dat veel van de overlast veroorzaakt wordt door mensen die geen hulp willen of dat moeilijk accepteren.’

 

Karen, hoe beoordeel je de inspanningen van Woonpunt ten opzichte van andere corporaties?
Karen van de Gaar: ‘De samenwerking vind ik erg prettig. Alleen de manier waarop contracten worden afgesloten, vind ik nog wat omslachtig. Gelukkig komt er nu een simpelere werkwijze.’

 


 

Zijn we tevreden?

Huisvesting bijzondere doelgroepen
Aantal levensloopbestendige woningen
Toewijzing levensloopbestendige woningen
Samenwerking met zorgpartijen rondom kleinschalige woonconcepten

 

 

Wat gaat goed?

  • Er zijn voldoende zorggeschikte woningen voor de doelgroep in de regio.
  • In het verslagjaar zijn afspraken gemaakt met de gemeenten Maastricht en Heerlen (waar wij ons meeste woningbezit hebben) en de andere corporaties in de regio over de toewijzing van zorggeschikte woningen. Vanuit de prestatieafspraken zijn werkgroepen gestart om te borgen dat zorggeschikte woningen ook daadwerkelijk beschikbaar komen voor de doelgroep.
  • Bij het matchen van de vraag naar zelfstandige woningen voor bijzondere doelgroepen en ons aanbod van vrijkomende woningen is de samenwerking met zorg- en welzijnsinstellingen goed.
  • 84 statushouders gehuisvest in 2017.
  • Samenwerking met gemeenten, collega-corporaties en zorgpartijen in de Housing-loketten, die bewoners uit intramurale en beschermd wonen voorzieningen begeleiden naar reguliere huisvesting. 
  • Voor oudere huurders realiseerden we kleine woningaanpassingen die het wonen vergemakkelijken.
  • In 2017 realiseerden we voor zorg- en welzijnspartijen Moveoo, RIBW/Levanto, Leger des Heils, Second Chance Force, Agapè en Philadelphia 104 kamers of woningen in Zuid- Limburg voor diverse vormen van opvang of begeleid wonen.
  • Eind 2017 heeft Woonpunt de strategie voor de jaren 2018 – 2022 opgesteld. Onderdeel daarvan is het huisvesten van mensen met zorgvragen. We blijven zorgen voor kleine woningaanpassingen en maken onze nieuwbouwwoningen levensloopbestendig. Wat betreft het huisvesten van mensen met psychosociale problemen koersen we op spreiding en begeleiding. Huurders met psychosociale problemen nemen in aantallen toe in onze wijken en kunnen zorgen voor overlast of andere leefbaarheidsproblemen. Ze zijn veelal aangewezen op woningen binnen het lagere prijssegment. Hierdoor worden sommige buurten, straten of complexen onevenredig zwaar belast. We koersen op spreiding, ook naar wijken waar nu weinig of geen goedkopere corporatiewoningen zijn.
  • In 2018 start Woonpunt een pilot met vraaggestuurd onderhoud waarbij senioren en andere zorgvragers aanpassingen in hun woning kunnen aanvragen waardoor zij langer zelfstandig thuis kunnen wonen.
  • Naast de individuele voorzieningen wil Woonpunt ook investeren in algemene voorzieningen (ophogen galerijvloeren, plaatsen elektrische deurdrangers, scootmobielruimtes).
     

Wat kan beter?

  • Ook al is het aantal zorggeschikte woningen in Zuid-Limburg voldoende om de toenemende zorgvraag op te vangen, in de praktijk zal de toewijzing ervan een probleem blijven als we daar geen expliciete afspraken over maken met partners. In overleg met stakeholders willen we in 2018 in bepaalde gemeentes wooncomplexen oormerken voor toewijzing aan ouderen en mensen met een zorgindicatie.